Pikante Puzzels &
Dubbelzinnige Raadsels


1. Vijf schone maagden ontmoeten vijf goddelijke adonissen. Ze besluiten gezamenlijk het bed te delen. Elk van de dames heeft met elk van de heren gemeenschap. De heren spelen het klaar om steeds gelijktijdig een orgasme te krijgen. De eerste keer duurt het 5 minuten, elke volgende keer duurt een factor 2 langer. Hoelang hebben de schone maagden totaal gemeenschap?

Antwoord
19
2. Wat begint met K en eindigt met T, is harig en is sappig van binnen?

Antwoord
19
3. Wat doet een hond op drie poten, een man op twee benen en een vrouw zittend?

Antwoord
19
4. Wat gaat er recht en hard in en komt er slap en plakkerig uit?

Antwoord
19
5. Op een avond ontmoet je 3 knappe meisjes (of jongens) in een bar. Je wil met alle drie naar bed maar hebt maar twee condooms. Elk van de vier mensen verdenken de anderen een geslachtsziekte te hebben. De vraag is dus, hoe regel jij het om seks te hebben met alle drie, en maar twee condooms, zonder in aanraking te komen met een mogelijke infectie?

Antwoord
19
6. Twee mannen en twee vrouwen zijn in een motelkamer. Elke persoon heeft een verschillende geslachtsziekte. Ze hebben maar twee condooms. Hoe kunnen elk mogelijke man/vrouw paar seks hebben zonder een nieuwe ziekte erbij te krijgen?

Antwoord
19
7. Wat is rond en hard en steekt 's morgens zover uit de pyjama van een man, dat je er een hoed aan kan hangen?

Antwoord
19
8. Een vrouw heeft er twee en een koe heeft er vier. Wat?

Antwoord
19
9. Een 30 jaar oud puzzeltje waarvoor je een rekenmachientje nodig hebt.

Ik ging met mijn lief naar de cinema. Ik betaalde 50 ct, mijn lief die ouder was betaalde 75 ct. We gingen op de 30-ste rij zitten. Wat gebeurde in de 78-ste minuut?


Antwoord
19
10.  Een 18-jarig meisje kan 3 kilo pruimen plukken in een uur. Een 25-jarige man kan 5 kilo pruimen plukken in een uur. Hoeveel pruimen worden geplukt als de twee samen 1 uur in de tuin zijn?

Antwoord
19
11.  Ik ben lang en stijf,
soms een beetje krom aan de bovenkant.
Als ik lang niet gewassen ben,
stink ik naar urine.
Ik doe mijn werk meestal in het donker.
Mijn eerste letter is een L en mijn laatste ook.

Wat ben ik?

Antwoord
19
12.  Wat is het verschil tussen Wim Kok en Willem Alexander?
Wat is het verschil tussen een konijn en een gravin?
Wat is het verschil tussen wind en Prins Hendrik?
Wat is de overeenkomst tussen een vrouw en een ruitenwisser?
Wat is de overeenkomst tussen een blondje en de Verenigde Staten?
Wat is het verschil tussen de boeren van Heek en de Hoeren van Beek?

Antwoord
19
13.  Ik ben een uitstulping, en kom voor in verschillende maten.  Als ik ziek ben druppel ik. Als je me kietelt proest ik het uit en voel jij je goed. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
14.  Ik sta recht omhoog, als ik mijn werk doe. Een van mijn grote ballen assisteert me daarbij. Ik ben een zwierig type. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
15.  Meer dan 1000 mensen kwamen in mij. Toch was het voor mij de eerste keer. Een groot hard ding scheurde me open. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
16.  Men steekt palen in mij. Men bindt me vast om in mij te kunnen komen. Ik word nat voor jij nat wordt. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
17.  Als ik in je ga, kun je soms wat pijn hebben. Ik maak dat je moet spugen, maar ik vraag je het niet in te slikken. Geen gat is te groot voor mij. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
18.  Een vinger gaat in mij en je speelt met me als je je verveelt. Mijn eerste man had mij niet als eerste. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
19.  Heel de dag, is het in en uit. Dan op mijn hoogtepunt laat ik alles gaan. Mannen, zowel als vrouwen nemen mij liever dan zelf moe te worden. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
20.  Als ik lekker nat ben, is men niet blij. Droog wil men mij het liefst. Als ik vroeg kom, vindt men dat juist fijn. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
21.  Ik ben stijf en lang. Mijn kop dringt binnen. Je vindt me bij primitieve stammen vaak in een koker. Ik kom vliegensvlug. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
22.  Met een nette bef, en rad van de tong, kan ik je vrij laten komen. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
23.  Ik ga dagelijks van gleuf tot gleuf, douw overal wat in, en stop pas als mijn zak leeg is. Wie of wat ben ik?

Antwoord
19
24.  Een jongen ontving dit bericht van zijn vriendin:
s>Ias  u!  u!z  7aa^
7aay   qay  >I!  'qoq
pua!J
^ aw  waau O


Antwoord
19
25. Wat heeft een man in zijn onderbroek wat een vrouw niet heeft?

Antwoord
19
26. Sommige zijn groot.
Sommige zijn klein.
Ik ben er in vele maten.
En in verschillende kleuren.
Ik ben groter op, dan naar benee.
Wanneer ik ouder word ga ik soms lekken.
Als mannen klaar met mij zijn,
schudden ze meestal de druppels eraf.
Wat ben ik?

Antwoord
19
27. Het is lang en stijf als je het er instopt, als het er weer uitkomt is het slap en er hangt een druppel aan. Ra ra, wat is dat??

Antwoord
19
28. De Keizer van Egypte,
Die had een ding dat wipte,
Tussen zijn benen,
Onder zijn gat,
Ra ra, wat is dat?

Antwoord
19
29. Ha meidje met je malse wei,
Ik wil op jou, jij onder mij.
Ik heb iets lekkers dat in jou moet,
Tis lang, tis hard, en o zo zoet.
Ik zal je verwennen op't veld,
Tot je buikje d'rvan zwelt.

Waar gaat het over?


Antwoord
19
30.
1) Spercieboon
2) Dildo
3) Sojaboon

Welke hoort in het rijtje niet thuis en waarom niet?


Antwoord
19
31.
Mag ik je minnen
Ik min je zo teer
Mijn hart is vol liefde
Wagen wij het weer?
In gedachten zie ik
Jouw droomsloep al
Schuur blank de riemen, dan
Steken wij van wal!


Antwoord
19
32. Maak van deze HEER, door één lucifer te verleggen, een DAME.




Antwoord
19
33.
Teken een letter Z zodat je er in kunt schrijven. Zeg dan tegen iemand dat hij/zij het volgende moet doen:

 

1. Schrijf in het bovenste gedeelte van de Z, "Wat zei".
2. Schrijf in het schuine stuk "de bruidegom".
3. Schrijf in het onderste gedeelte, "zachtjes in het oor van zijn beeldschone twintig jaar jonge blonde geliefde tijdens de eerste huwelijksnacht? "



Antwoord
19
34.
Zoemend insekt op batterijen.

Antwoord
19
35.
Het begint met N en eindigt op "euken" en het is héél lekker.

Antwoord
19
36.
Er zijn 3 mannen. De eerste man (A) kan niet zien. De tweede man kan niet horen (B) en de derde man (C) kan niet praten. De man die niet kan zien die heeft een vriendin. De vriendin van die persoon die gaat vreemd. Namelijk met de persoon die niet kan horen. Dit alles gebeurd op een jacht waarop zich alleen deze vier mensen bevinden. De derde persoon (C) die ziet (B) vrijen met de vriendin van (A) en wil (A) dit vertellen.

Hoe kan C toch laten weten dat A bedrogen wordt?

Antwoord
19

Alle items Copyright © door de Respectievelijke Auteurs, Alle Rechten Gereserveerd.

Naar Index