1. Met mijn ---------- raakte ik de ----------- die
achter de deur stond te spioneren, op zijn rechteroog.
|
Antwoord |
2. De schaars geklede dames in het het -------
werden ------- door een voyeur.
|
Antwoord |
3. De boerenzoon uit het stadje ---------
trouwde met een burgerdochter uit ---------.
|
Antwoord |
4. De --------- kon tijdelijk niet
meer skiën, omdat hij een ontsteking had aan zijn ---------.
|
Antwoord |
5. De verjaardag van kleine Jan
eindigde ----------- nadat een boos geworden vriendje de ----------- met slagroom in zijn
gezicht smeet.
|
Antwoord |
6. Ik had mijn allereerste -------
toen ik op vakantie was op het prachtige eiland -------.
|
Antwoord |
7. In ---- werd op de markt een ----
in de kaas aangetroffen.
|
Antwoord |
8. Een Italiaanse leerling trok
tijdens zijn ------ veel op met een ------ klasgenoot.
|
Antwoord |
9. De Delftse kunstenaar -------
schilderde nooit een fiets met een gebroken -------.
|
Antwoord |
10. ------- had vast een theaterstuk
over auto's met lekkende ------- geschreven, als die toen uitgevonden waren geweest.
|
Antwoord |
11. De cartoonist tekende de Romeinse
God -------- met een --------.
|
Antwoord |
12. Antonius's grote liefde
---------, vond dat hij veel te --------- gericht was.
|
Antwoord |
13. De --------- politicus werd toch
nog premier van ---------.
|
Antwoord |
14. De ---------
bakker gebruikte een verkeerde ---------.
|
Antwoord |
15. De knechten uit -------- waren niet -------- en -------- uit tegen hun
baas.
|
Antwoord |
16. De Zwitser is
een ------ ------ op de ------.
|
Antwoord |
17. De reden waarom
de agenten ons ---------- was dat we hen niet konden ---------- dat onze ---------- waren
voorzien van een ----------.
|
Antwoord |
18. Door de ---------- van ---------- oud papier met een lang stuk touw, werd
de stranddag ---------- en ---------- we urenlang achtereen.
|
Antwoord |
19. Toen men vanwege de ------ een ------ ging ------ moest de man die het
------ was plots ------ maar toch ------ hij rustig door.
|
Antwoord |
20. Toen de ----- wat ----- morste op iets ----- in haar computer, sprak
----- tegen de net uitgenodigde -----: druk ----- maar even op -----.
|
Antwoord |